Van 6 april 1966 naar 6 april 2016

Laat onderaan je reactie achter!

Maastricht – 6 april 2016 – Van 6 april 1966 naar 6 april 2016. Vanaf vandaag scoort DKIJV goud. Dus doen festiviteiten ertoe. Met onder andere straks een schaatskamp op natuurijs ergens in Zweden. Een originele keus omdat het helemaal past bij de oorsprong van DKIJV die het in haar beginjaren louter nog met natuurijs moest doen (en het ook maakte).

Toen ik vijftig jaar geleden door Rob van Leeuwen en Barend van Triest gevraagd werd om mee te doen een schaatsclub in Delft op te richten, was ik onmiddellijk enthousiast. Het was toen nog niet zo lang geleden dat ik was overgestapt van houten schaatsen (Friese doorlopers) op stalen Noren (Ballangrud). Dat was wennen geweest omdat je de “houtjes” nooit met de linten vast genoeg onder je schoenen kreeg waardoor ik helemaal gewend was geraakt aan het klapschaatseffect. Maar stalen Noren waren natuurlijk wel stoer.

Rond 1966 waren we besmet geraakt door de kunstijsbaan als fenomeen. Vier jaar eerder was de eerste er in Amsterdam gekomen. Op 4 meter onder zeeniveau. Een jaar later kwam er in Deventer een hooglandbaan bij (op 5 meter boven zeeniveau).
Zo’n kunstijsbaan moest er ook in Delft komen dus noemden we onze club “Delftse Kunstijsbaan Vereniging”. We begonnen met vooral droogtrainingen en één keer (soms twee keer) in de week met de bus naar de Jaap Edenbaan.
Als het ‘s-nachts een beetje wilde vriezen, gingen we sproeien om op het sintelveld van EDH aan de Brasserskade een ijsbaan aan te leggen. Vroeg in de ochtend hadden we een schitterende ijsvloer maar vanwege de zwarte sintelondergrond was de ijsvloer alweer gauw verdwenen. Daar zorgde de zon wel voor.

Omdat het vast prik was om onze droogtrainingen af te sluiten met ’n pittige duurloop, bedachten we de Sint Nicolaascross. Maar daarmee kwamen we in conflict met de toenmalige KNAU. We beloonden immers de besten met prijzen in natura. En dat mocht toen nog niet. Voor atleten juist een reden om mee te doen ondanks een schorsing die hen door de KNAU in het vooruitzicht werd gesteld.

Ook anderszins waren we in die beginjaren de luis in de pels van de gevestigde (ijspret)orde. Ik herinner mij nog de jarenlange strijd die we met de Delftsche IJsclub moesten voeren. Zij vonden als het om schaatsen ging in Delft, alleen zij ertoe deden. DIJC kon beschikken over een terrein dat aan het begin van de winter onder water werd gezet. Je kon er rondjes rijden en ze hadden ’n clubhuis. Eerder al had de Delftsche Courant hun oprichting (in de 19e eeuw) gesteund met het volgende commentaar: “Het ijsvermaak dat wel eene Nederlandsche vermakelijkheid bij uitnemendheid mag worden genoemd en dat bij de noodige voorzorgen eene gezonden, de spieren en zenuwen sterkende lichaamsbeweging is, verdient de belangstelling van allen. De pogingen tot oprichting eener IJsclub, toegankelijk voor de verschillende standen der maatschappij, met het doel dit vermaak zoo veel mogelijk te veredelen en de veelal daaraan verbonden hinderpalen en gevaren uit den weg te ruimen, verdienen dan ook volle sympathie.” Precies dus wat wij als nieuwe schaatsclub ook wilde. In elk geval werk maken van het echte wedstrijdschaatsen.

We begonnen gelijk ook met ons sterk te maken om in Delft een kunstijsbaan te krijgen. De naam hadden we al bedacht. Dat moest de “Stien Kaiser baan” gaan heten. Want in 1967 (en ook in 1968) was zij wereldkampioen geworden. Maar er kwam geen kunstijsbaan in Delft. Delft is toen een beetje gaan twijfelen omdat ook Den Haag ineens plannen voor een kunstijsbaan had. In 1970 besloot Den Haag daartoe. Nèt op het moment dat wij als DKIJV ons doel richting het Delftse gemeentebestuur dachten bereikt te hebben. Maar het duurde nog drie jaar voordat de kunstijsbaan er eindelijk in Den Haag was.

Dankzij onze wekelijkse busreizen naar de Jaap Edenbaan en twee keer in de week droogtraining in het (voormalige) Hertenkamp, groeide onze club onverminderd voorspoedig.

In 1973 ging De Uithof open. Dat bood kansen en DKIJV werd daar de grootste stimulator waar het ging om het op de rails krijgen van het wedstrijdschaatsen. Ik ben daar zelf serieus bij betrokken geweest. Zo ook bij de zeven jaar eerder van DKIJV. Voor mij was het dus een eervolle beloning dat ik – nog voordat ik in 1975 naar het Limburgse verhuisde – erelid van DKIJV werd.
Met de opgedane ervaring dankzij DKIJV, heb ik in het Limburgse het wedstrijdschaatsen opgezet. Ook een vereniging opgericht die aan wedstrijdschaatsen ging doen. In 1988 werd dat beloond met een 400m-kunstijsbaan in Geleen. Omdat het nog steeds één van de weinige openlucht-kunstijsbanen is, moest en moet die baan teveel sluiten. Ook gaat die baan pas open als in de rest van Nederland iedereen al een maand aan het schaatsen is. ’n Gebed zonder einde om serieus werk te maken van het wedstrijdschaatsen in het Limburgse. Dus nog steeds valt er vanuit het Zuid-Limburgse nauwelijks concurrentie te verwachten.

DKIJV bleef maar groeien en groeien. Met nu haar 50-jarige bestaan als hoogtepunt.
Oké…in die vijftig jaar heb ik in elk geval één beoordelingsfout gemaakt. Over iets waar DKIJV toe ging doen en landelijke bekendheid kreeg. Namelijk het shorttrackschaatsen. Ooit (dat moet ergens beginjaren zeventig zijn geweest) heb ik een demonstratie bijgewoond van shorttrackers uit Amerika en Canada. Ik schrok mij dood. Hartstikke gevaarlijk hoe hard zij gingen. Toen nog zonder enige bescherming. Ook niet tegen de houten bording. Ik herinner mij nog dat ik daar toen in het clubblad een kritisch verhaal over heb geschreven. Inmiddels doet het spectaculaire shorttrack ertoe (ook voor Nederland). Gelukkig nu met afdoende bescherming.

Inmiddels nader ik de leeftijd van zeventig jaar. Vast is er bij DKIJV veel veranderd en met nieuwe mensen. Maar DKIJV blijft voor mij als schaatsliefhebber mijn kindje. En als schaatsvereniging niet meer weg te denken.

Mijn felicitaties,

Jaap Jongste


Eén reactie op “Van 6 april 1966 naar 6 april 2016”

  1. Rein van de Velde schreef:

    Hallo Jaap,
    Een heel leuk stukje over de historie van onze club. Bij de opening van het lustrumjaar vorige week woensdag om 19.66 uur hebben we nog over jou gesproken. Joep van der Eijk en Theo Dessens waren er ook bij, ook Martin van Veen was van de partij, dus veel oude verhalen opgehaald. DKIJV is een bloeiende vereniging geworden met heel veel jeugdleden, die ook landelijk goed presteren. Bij het short track zien we steeds meer DKIJV ERS hun opwachting maken evenals bij het inlineskaten. We zijn zo langzamerhand een complete vereniging geworden met veel enthousiaste leden. Het is goed om te lezen dat DKIJV in jou DNA zit, hetgeen bij veel huidige leden ook het geval is. Vooral bij whet trainings uur op zaterdagmorgen vroeg kun je dat goed waarnemen. Het is dus goed om vast te stellen dat 50 jaar geleden er een goede beslissing is genomen om onze club op te richten.
    Laten we hopen dat je in staat bent om het feest ter gelegenheid van het jubileum bij kunt wonen.
    Groet,
    Rein van de Velde

Laat een reactie achter